Verstoppen doet hij niet, wel scheiden. De Hamburgse pianist Lambert draagt al zijn hele carrière zijn kenmerkende Sardijnse carnavalsmasker. Door zijn artistieke persona los te koppelen van zijn echte identiteit, probeert hij afstand te nemen van twijfel, verwachtingen en zelfonderzoek. Zo ontstaat er meer ruimte voor wat echt telt: de muziek. Negen albums lang speelt hij al met het mysterie rond zijn identiteit. En nu is Lambert terug. Of misschien is hij nooit weggeweest. Hij bracht dit jaar een nieuw album uit. Het heet I AM NOT LAMBERT.
I AM NOT LAMBERT klinkt onmiskenbaar als Lambert: minimalistisch maar sfeervol, repetitief maar ontdekkend. Toch zet de pianist hier een duidelijke stap vooruit. Voor het eerst spelen vocals een prominente rol op de plaat. Naast zijn eigen zang, vaak vervormd met vocoder, nodigt hij artiesten als Kat Frankie en GOODWIN uit om het album verder kleur te geven. Hoewel de titel verwijst naar wat Lambert níét is, vertelt de muziek net uit hoeveel lagen hij bestaat. De inspiratie voor zijn songs komt van overal: van noughties indiefolk en jazzpianist Oscar Peterson tot cultfilmcomponist John Carpenter.
Het resultaat is een album dat moeiteloos beweegt tussen klassiek, pop en jazz, voortdurend zwevend in een dromerige, filmische sfeer. Met een veelzijdige discografie en jarenlange experimenten in verschillende genres wordt de vraag naar wie Lambert werkelijk is alleen maar moeilijker te beantwoorden. I AM NOT LAMBERT is geen antwoord, maar een uitnodiging. Een spel met wie hij is — en misschien vooral met wie hij niet is.