Bex Burch

Interview Resident in Samenwerking

Interlinie brengt muzikanten uit improvisatie- en experimentele muziekscene samen in een avontuurlijk programma dat langs verschillende Belgische, Duitse en Nederlandse podia toert. 

Voor de derde editie verwelkomen we Bex Burch zij werkt tijdens een residentie aan het project As Yet Untitled, samen met altviolist Esther Coorevits (voormalig Artist in Residence), trompettist James McClure en accordeonist Stan Maris (Kin Gajo).
Wij stelden haar enkele vragen over haar plannen tijdens de residentie.

"Het geluid van vreugde."

Hallo Bex, wil je jezelf even voorstellen aan het Belgische publiek?  
Ik ben afkomstig uit Leeds en woon nu in Berlijn. Ik maak wat ik zelf messy minimalism noem: muziek waarin ruimte, herhaling en eenvoud samengaan met chaos, improvisatie en intuïtie. Wat dat precies inhoudt, ben ik nog altijd aan het ontdekken. Het laat zich ook makkelijker ervaren in een concertzaal dan uitleggen.  

Tijdens je residentie werk je samen met drie muzikanten. Kende je hen al op voorhand?  
Nee, Rataplan en de andere organisatoren hebben aandachtig geluisterd naar wat ik wilde doen en vervolgens artiesten gezocht die mijn project kunnen versterken. Dat betekent veel voor mij. We hebben ondertussen wel gemaild, dus in die zin is de residentie begonnen. Ik hou van zo’n lange, trage manier van samenwerken.  

Wat ga je precies doen tijdens de residentie?  
Ik werk aan een compositie die voorlopig As Yet Untitled heet. Ik wil de muzikanten vooral de tijd geven om zich thuis te voelen in de muziek, zodat ze de beste versie van zichzelf kunnen zijn.  

Betekent het dat de compositie al af is?  
Ja en nee. Ze is zo geschreven dat er ruimte is voor improvisatie en is pas echt af wanneer we er samen vorm aan geven. Tegelijk zijn er aspecten die altijd hetzelfde blijven, zoals de ritmische structuur en, in sommige nummers, mijn partij.  

Wat wil je dat het publiek ervaart?  
Ik hoop vooral dat mensen zich vrij voelen om hun eigen betekenis aan de muziek te geven. Zodra je als muzikant iets de wereld instuurt, is het niet langer alleen van jou. Dat loslaten vind ik een van de mooiste aspecten van muziek maken.  

Is de reactie van het publiek belangrijk?  
Opnieuw ja en nee. Ik verwacht niets van de toeschouwers, maar hun aanwezigheid verandert alles. Ik zou hen trouwens graag uitnodigen om een shaker mee te brengen, als ze dat zouden willen en kunnen.  

Naast muzikant ben je instrumentenbouwer. Zal je op zelfgemaakte instrumenten spelen?  
Zeker. Ik neem mijn zelfgebouwde xylofoon mee en misschien ook enkele instrumenten die ik recent heb gemaakt.  

Waarom maak je je eigen instrumenten?  
Ik hou van het maakproces en van de doe-het-zelf-mentaliteit. Bovendien heeft het iets magisch: je weet pas hoe een instrument klinkt wanneer het af is.  

Bespeel je alleen zelfgebouwde instrumenten?  
Nee. Ik verzamel bijvoorbeeld ook koeien- en geitenbellen. Ik ben vooral kieskeurig op het vlak van klank. Zelf instrumenten bouwen geeft de vrijheid om die klank mee te bepalen. Dat blijft trouwens evolueren. Zo maak ik al twintig jaar xylofoons, maar is mijn huidige instrument pas vijf jaar oud. Het ontstond nadat ik een nieuwe stemtechniek ontdekte.  

Hoe belangrijk is een community voor jou?  
Heel belangrijk. Ik probeer oprecht verbinding te maken met mensen, zowel in mijn werk als daarbuiten. Community ontstaat voor mij niet omdat je ze organiseert, maar omdat je relaties opbouwt. Het is eerder een geschenk dan een doel. Vriendelijkheid en safe spaces zijn daarbij essentieel.  

Welk geluid wil je in Rataplan achterlaten?  
Het geluid van vreugde.  

En welk geluid link je met thuis?  
Een zucht.  

Tekst door Katrien Jacobs.
Foto © Fabian Brennecke.